‘Wat heb ik nou aan algebra’

‘Wat heb ik nou aan algebra’
Die vraag stelt een jonge dame (Loeki Knol) zichzelf in een liedje uit de jaren ‘ 70, wanneer ze moet kiezen uit twee mogelijke partners met even blauwe ogen.
Het woord algebra roept daarbij direct associaties op met schoolvakken. Interessant aan deze vraag is dat de juffrouw in deze crisissituatie raad zoekt bij dat wat ze op school geleerd heeft. Ze constateert dat wiskunde haar in deze kwestie niet verder helpt.
Maar welk schoolvak doet dat dan wel? Welke schoolvak leert je kiezen? En wat leert kiezen je?
Kiezen is de kern van beeldend onderwijs. Het maakproces van een beeldend werkstuk kun je zien als een ontdekkingstocht waarbij je om de haverklap vertakkingen in de weg tegenkomt. De verschillen tussen kinderen worden zichtbaar in hun eindproduct. Ze zijn het gevolg van een enorme reeks van bewuste en onbewuste keuzes.
Wat leer je van het kiezen? Twee dingen!
Je leert wat het gevolg is van keuzes, het effect in je werkstuk. Maar nog belangrijker is dat je ontdekt wie je zelf bent. Jij kiest iets anders dan je buurvrouw of degene tegenover je.  Je keuzes onderscheiden je van de ander, ze markeren je identiteit. Ze geven een beeld van je smaak, je voorkeuren, je opvattingen en uiteindelijk jouw kijk op mens en wereld. Daaruit blijkt ook hoezeer beeldend onderwijs een belichaming is van cultuureducatie.
De hamvraag is nu natuurlijk of die juffrouw haar keuze had kunnen maken als ze goed beeldend onderwijs had genoten op de basisschool.

P.S. Voor diegenen die het lied niet kennen bekijk het op Youtube

Terug naar boven
© 2017 Stichting Beeldend Onderwijs

Van werken van beeldend kunstenaars aangesloten bij een CISAC-organisatie is het auteursrecht geregeld met Pictoright te Amsterdam. © c/o Pictoright Amsterdam 2012